Afstemming van beleid

Het portefeuillehoudersoverleg gaat in de regionale samenwerking over afstemming van beleid en het gezamenlijk optreden naar buiten voor de belangen van de inwoners van deze regio.
In relatie met de uitvoerende regionale eenheden is het portefeuillehoudersoverleg de gecoördineerd opdrachtgever van gemeenten. Het algemeen bestuur van de Regio is de formeel opdrachtnemer.

Hoofdregel in de samenwerking is dat besluiten die worden genomen in een portefeuillehoudersoverleg vooraf of achteraf door de colleges en/of de gemeenteraden bekrachtigd worden. Dit proces waarborgt de zogenoemde politiek-bestuurlijke legitimatie van de regionale samenwerking.

Door de gemeenteraden wordt dit soms als onvoldoende ervaren: "we mogen niet meer dan een vinkje achter de voorstellen zetten".  Door gemeenteraden wordt een tijdige betrokkenheid, met de mogelijkheid om kaders te stellen, als een belangrijk uitgangspunt aangemerkt van de legitimatie. Maar niet alleen vooraf maar ook tussentijds is van belang gemeenteraden mee te nemen in de ontwikkelingen tot het eindresultaat. Gemeenteraden zijn niet alleen eigenaar, maar moeten zich ook werkelijk eigenaar kunnen voelen van de Regio.  

In de gemeenschappelijke regeling is aan het portefeuillehoudersoverleg  opgedragen om aan het begin van de zittingsperiode met de raden en de colleges de regionale speerpunten te benoemen en onder te brengen in de regionale samenwerkingsagenda. Dit draagt bij aan de inhoudelijke betrokkenheid van de gemeenteraden bij de samenwerking. Dit proces wordt ondersteund met zogenoemde Regiopodia waar raadsleden en bestuursleden uit alle gemeenten elkaar kunnen ontmoeten en met elkaar inhoudelijk van gedachten kunnen wisselen.

Het aantal portefeuillehoudersoverleggen is niet vooraf in de regeling vastgelegd. In de regeling is opgenomen dat de colleges - op aanwijzing van de betrokken portefeuillehouders - de structuur van het regionale portefeuillehoudersoverleg bepalen.